CP3 by Basketball Totaal

Centers

Joris_Zandbergen_Column_iBB_Fast-Break

Mijn spreekbeurt gaat vandaag over een wezen dat in zijn oorspronkelijke leefomgeving bijna uitgestorven is. Bij ons in Europa komt hij nog wel voor, al moeten we oppassen dat hij niet ook hier een bedreigde soort wordt.

De center, ooit de cruciale positie in elk goed basketbalteam, raakt in de dribbel- en schietgrage NBA steeds meer uit de mode. Zaterdag zag ik in onze eigen competitie een center aan het werk. Twee eigenlijk, maar Thomas Koenis had helaas een off-day. Ik bedoel Nick Oudendag. Wat genoot ik. Hij maakte de bucket tot zijn domein, reboundde, blokte schoten, gooide er een paar ellebogen uit en scoorde wat uit de low post.

Talent
Hoewel hij dat alles tegen ‘mijn’ Leiden deed, kon ik er stiekem geen genoeg van krijgen. Het is jammer dat hij door zijn, zullen we zeggen, wispelturige aard (nog) niet het maximale uit zijn aanzienlijke talent heeft weten te halen, maar wie weet wat er allemaal nog voor moois komt. Zwolle heeft er ogenschijnlijk een goeie aan, en ik zou het niet erg vinden om hem straks ook met een oranje shirt om de brede schouders te zien, al ga ik daar -gelukkig voor u- niet over.

Beeld
Zoals ik wel vaker heb, probeerde ik een beeld te vormen van de centers door de jaren heen in het polderbasketbal. Vaak vulden Nederlandse clubs die positie met Amerikanen die in grotere competities maximaal power forwards waren geweest, maar toch hebben we goede spelers op die plek gezien. Tree Marioneaux, Victor Bartolome, Tom Barker, Steve Puidokas, David Lawrence, Mike Reddick, Wilson Washington, de enorme Riley Smith, Travis Reed, David Chiotti, Larry Gibson, Matt Haryasz en misschien wel de beste van allemaal, James Lister. Vul hier uw eigen favoriet verder in en besef dat ik maar wat roep zoals gewoonlijk.

Kip
Nederlandse centers hebben we natuurlijk ook gehad, zoals Jan Loorbach, Pieter van Tuyll (van Serooskerken), Harry Kip, Cock van de Lagemaat, Bert Kragtwijk, Richard van Poelgeest, Erwin Hageman, Peter van Paassen, Henk Pieterse (aan wie ik in zijn dagen bij Nashua een gloeiende hekel had, maar die later een heel leuke kerel bleek te zijn). My man Marcel Huijbens zie ik altijd als forward maar indien hij een center was, staat hij in één keer hoog op de ranglijst, en Ross Bekkering is de succesvolste Nederlandse center van de laatste jaren.

Toprebounder
Aan de carrières van Mike Nahar, Geert Hammink, Francisco Elson, Nicolas de Jong, Dan Gadzuric et al. wil en mag ik niet voorbijgaan natuurlijk, maar hun loopbaan kwam (vooral) buiten ons land tot wasdom. Net als die van de beste center die we ooit hebben gehad, Rik Smits. Op de voet gevolgd eigenlijk door Swen Nater, al zou deze geboren Heldenaar van mij best mogen claimen dat hij onze beste center ooit is geweest, aangezien hij toprebounder werd van zowel de ABA als de NBA (laat dat even rustig op u inwerken: een landgenoot van ons pakte de meeste rebounds – 15 per wedstrijd – in een league met Jabbar, Malone, Lanier, Cowens, Unseld en noem maar op). Laten we maar zeggen dat Smits wel en Nater niet international is geweest voor ons en dat Nater zich meer Amerikaan dan Nederlander voelde.

NBA
De NBA was altijd de league met de beste centers. Grote mannen die scoorden, vaak beginnend met hun rug naar de basket, die rebounds pakten, schoten blokten en hun aanwezigheid onder beide baskets kenbaar maakten. Op de een of andere manier voel ik mij geroepen om u lastig te vallen met mijn beste centers aller tijden. Hier volgt een volstrekt subjectief lijstje en ik sta open voor elke vorm van vriendelijke discussie. (BTW: Tim Duncan is blijkbaar een power forward. Prima, dan is hij de beste aller tijden daar. Lijkt mij eigenlijk een center, maar dit maakt het mij wat makkelijker. Bill Walton haalt het niet omdat hij in de NBA helaas te veel geblesseerd was; wel een fenomenale center.)

5. Moses Malone. Geen rebound waar hij niet voor ging. Maakte slechte aanvallen goed want hij had waarschijnlijk toch de rebound wel. Fysiek monster, hoewel niet groot voor een center, onwaarschijnlijk aanvallend voetenwerk. Eind jaren ’70 begin jaren ’80 was hij DE center in de ABA en NBA. Toen Philadelphia hem haalde, kocht het meteen een titel.
4. Hakeem Olajuwon. Arme David Robinson. Die kreeg de MVP-award terwijl Hakeem toekeek. En werd in de play-offs op een hoopje gespeeld dat het niet mooi meer was. Olajuwon werd kampioen tegen Shaq en Ewing en van zijn post moves droom ik nog wel eens.
3. Shaquille O’Neal. ‘The last great center.’ Fysiek overweldigend maar had ook ‘touch’. Viervoudig kampioen. Had waarschijnlijk nog indrukwekkendere cijfers kunnen achterlaten, maar tijdens het seizoen in-shape-zijn was niet z’n hobby. Was in zijn goede dagen wel bijna een garantie voor succes.
2. Ex aequo: Bill Russell en Wilt Chamberlain. Russell won elf titels met Boston en blokte en reboundde dat het een lieve lust was. Zat ook in de perfecte organisatie in die tijd. Wilt verpulverde alle records maar was mentaal minder stabiel dan Russ. Als je beelden uit die tijd bekijkt, geloof je je ogen bijna niet.  Hij is de man van de 100 punten, de 50 gemiddeld, de 55 rebounds in een wedstrijd en als ze shotblocks toen hadden bijgehouden, had hij ook daar het record in handen. Eén van zijn voormalige teamgenoten zweert dat Chamberlain in een wedstrijd 26 schoten wegsloeg, en het zou zomaar kunnen. Waarom dan toch geen nummer één? Slechts twee kampioenschappen. Dat bestaat bijna niet als je zo goed bent.
1. Kareem Abdul-Jabbar. Drie keer NCAA-champ. Zes keer NBA-kampioen. NBA Finals MVP met veertien seizoenen ertussen (1971: 27 pt, 19 reb, 61% schot; 1985: 26 pt, 9 reb, 61% schot). Zes keer MVP. Kon verdedigen, rebounden en scoren. Man, wat kon hij scoren. Topscorer aller tijden in de NBA. Vooral vanwege de Skyhook, dat onverdedigbare schot. Zelfs toen hij de 40 al was gepasseerd, zochten de Lakers hem in de belangrijkste aanvallen van de finales. Kareem is de beste center die ooit heeft geleefd en zou best wel meer waardering daarvoor mogen ontvangen.

Laat een reactie achter